Luchtwassers misschien overbodig in stal van de toekomst 27-12-18

Op zoek naar een gezond stalklimaat

Varkenshouderijen staan voor een grote uitdaging: vanaf 2022 moeten zij voldoen aan een strenge emissienorm met betrekking tot ammoniakuitstoot. Het installeren van een luchtwasser kan voor hen een oplossing zijn om aan de veranderende wetgeving te voldoen. Bij deze techniek wordt ammoniak, maar ook fijnstof en geur, aan het eind van de stal uit de lucht gefilterd. Op het klimaat ín de stal heeft dit echter geen positief effect. Terwijl juist een goed stalklimaat noodzakelijk is om te komen tot betere technische en economische resultaten, gezondere dieren en beter dierenwelzijn.

De Hoeve Innovatie heeft daarom een beter alternatief ontwikkeld: dagontmesting. Door mest dagelijks uit de stal te halen voorkomen we dat er überhaupt ammoniak en andere kwalijke gassen ontwikkeld worden, wat het filteren van de lucht aan het eind van de stal overbodig maakt.

In opdracht van de Provincie Noord-Brabant en in samenwerking met onder andere Wageningen University zijn we gestart met Praktijkonderzoek Dagontmesting als onderdeel van de Stal van de Toekomst.

Binnen dit project onderzoeken we in welke mate dagontmesting van varkensstallen kan fungeren als solide oplossing om de uitstoot van ammoniak en andere schadelijke gassen te reduceren en gelijktijdig kan zorgen voor gezondere dieren en een beter rendement op de boerderij. Het doel van Praktijkonderzoek Dagontmesting is voor alle diercategorieën een goedgekeurd stalsysteem te ontwikkelen waarmee we dezelfde emissie behalen als met een luchtwasser, zonder die te hoeven plaatsen
De mogelijke voordelen van dagontmesting. zie de video clip https://vimeo.com/264386984
zie Stal-van-de-Toekomst.pdf


Gemeente Berkelland wil betalen voor Beltrumse varkenshouderij 27-12-18

900.000 euro. Dat heeft het college van B&W van de gemeente Berkelland over in een hoofdpijndossier voor een varkenshouderij bij Beltrum. De gemeenteraad krijgt de vraag om in te stemmen met het collegevoorstel.

Met deze ‘strategische’ aankoop hoopt de gemeente een schadeclaim te voorkomen in een acht jaar slepend conflict. De betreffende varkenshouder aan de Grolseweg had plannen voor de bouw van een etagestal met drie verdiepingen en totaal 5.600 varkens. Een vergunning daartoe werd in 2014 afgegeven, maar de gemeente verzuimde dit aan de gemeenteraad voor te leggen. Dit leidde tot het vertrek van wethouder Scharenborg. Alsnog weigerde de gemeente de vergunningverlening en de varkenshouder vocht dit met succes aan bij de rechtbank Gelderland. Daarop gingen omwonenden tegen die uitspraak in hoger beroep. Zij kregen op hun beurt in januari gelijk van de Raad van State, die op haar beurt het besluit van de rechtbank weer vernietigde.

Klagende omwonenden

Opnieuw moet het college van Berkelland zich uitspreken over de vergunningaanvraag, maar het college ziet daar geen brood in. Er zijn – nog – geen geurnormen vastgesteld en de gemeente spreekt van nieuwe, strengere wetgeving voor luchtwassers. Beide zaken zouden het verlenen van een vergunning waarschijnlijk onmogelijk maken. Om een schadeclaim van de varkenshouder te voorkomen overweegt de gemeente ‘een strategische aankoop’ te doen. Zo wordt de al jaren durende vergunningprocedure beëindigd en doet de gemeente ook iets met de bezwaren van de klagende omwonenden.

Bestemmingsplan Nieuwe Steeg afgewezen

            Bestemmingsplan Nieuwe Steeg definitief afgewezen !!

 

Met overweldigende meerderheid ( 27 tegen en 2 voor ) is het bestemmingsplan voor uitbreiding van de veehouderij aan de Nieuwe Steeg op 17 december 2018 door de raad afgewezen. Er is nog een amendement toegevoegd. zie onder recente berichten
Dit besluit is voor alle bewoners in Leersum belangrijk met name voor de gezondheid. Er komen dus niet meer dieren en zonder de hoge pijpen wordt de uitstoot niet over heel Leersum geblazen.
De huidige situatie blijft echter nog van kracht en dat betekent dat er nog steeds een te grote geur belasting is voor de bewoners aan de Nieuwe Steeg en daar achter.
Samen met de gemeente wordt gewerkt aan een oplossing hiervoor en wij hebben al contacten gelegd met de het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat om te zien welke mogelijkheden zij kunnen bieden om de leefomgeving voor de bewoners te verbeteren.
Wij zijn dus nog niet klaar!

Open stemt tegen uitbreiding veehouderij

OPEN stemt niet in met uitbreiding veehouderij aan Nieuwe Steeg in Leersum

15 december 2018

De fractie OPEN heeft zich in de afgelopen jaren stevig verdiept in het voorstel om het bestemmingsplan van de veehouderij aan de Nieuwe Steeg in Leersum te wijzigen, waardoor uitbreiding mogelijk zou worden. We hebben meerdere gesprekken met betrokkenen gevoerd, het bedrijf bezocht, aan diverse beeldvormende vergaderingen deelgenomen en ook intern hebben we er de nodige uurtjes over gesproken. Uiteindelijk zijn wij tot de slotsom gekomen dat wij het geen gewenst plan vinden.

Onze argumentatie loopt via vijf hoofdlijnen.

  1. Juridische houdbaarheid
    De uitbreiding van de veehouderij op die plaats gaat in tegen de Provinciale Ruimtelijke Verordening 2016. Er zijn geen indicaties dat de provincie de gemeente niet zal houden aan deze regels.
  2. Participatie
    Voor de gemeenteraad is het uitgangspunt bij wijzigingen van activiteiten en bestemmingen, dat de initiatiefnemer via een goed en gedragen traject de omgeving meeneemt in de beoogde ontwikkelingen. Dit heeft naar ons oordeel niet voldoende plaats gevonden.
  3. Omgevingsvisie
    De Nieuwe Steeg in Leersum vormt de grens van woningbouw en agrarische activiteit. Het is een zogenoemd verwevingsgebied. Het karakter van dit gebied laat niet toe dat er een grootschalige agrarische activiteit plaats vindt, zoals nu gevraagd wordt.
    De gemeente zal op basis van de Omgevingswet voor dit gebied participatief een omgevingsvisie moeten opstellen, waarin de huidige activiteiten in combinatie met wonen in een goede balans verder kunnen. Scenario’s met bijvoorbeeld duurzame energieopwekking zijn voor ons zeker opties. Maar momenteel is die omgevingsvisie er dus nog niet.
  4. Gezondheid
    Door de diverse soorten van uitstoot (fijnstof, ammoniak, geur) wordt de gezondheid van de natuur en die van mensen negatief beïnvloed. Ook het klimaat en de biodiversiteit komen in het geding.
    Al vaak is aan de orde geweest of de voorgestelde maatregelen voldoende zijn om die uitstoot tot onder het huidige niveau terug te dringen. Voor ons vormen de gezondheidsrisico’s van dit plan een groot punt van zorg.
  5. Toekomst
    Tot slot is er bij onze fractie ook grote twijfel over de toekomstbestendigheid van intensieve, grootschalige vleesproductie en vleesconsumptie. Wat OPEN betreft is deze casus daarom een aanleiding om snel met elkaar het gesprek aan te gaan over een toekomstbestendige voedselagenda voor onze gemeente. In ons Raadsprogramma hebben we dat al met elkaar afgesproken. En ook het College verwees daarnaar bij de beantwoording van onze schriftelijke vragen.

Gezamenlijke verantwoordelijkheid
Een voedselagenda is een plan voor een duurzame en gezonde voedselketen in onze gemeente, dus van productie tot consumptie. Bij het gesprek over een toekomstbestendige voedselagenda willen we alle schakels in de keten betrekken. Want voedselkeuzes zijn een gezamenlijke verantwoordelijkheid van de hele keten: van producent tot consument, en iedereen die daar tussen zit. Dit vraagt dus ook van inwoners een grote bewustwording en betrokkenheid bij hun voedselvoorziening.

OPEN wil zich in de komende tijd graag inzetten voor dit proces om tot een lokale voedselagenda te komen!

– Joost Scheltinga en Ernst Hart

Amendement van fracties voor Nieuwe Steeg 16-12-18

Alle fracties , uitgezonderd de SGP, hebben een amendement getekend wat gevoegd wordt bij het voorstel bestemmingsplan Nieuwe Steeg

 

                                                    

                              

 

Amendement Nieuwe Steeg 4-8a Leersum

De raad, in vergadering bijeen op 17 december ter bespreking van het raadsvoorstel vaststellen gewijzigd bestemmingsplan Nieuwe Steeg 4-8a Leersum (nummer 2018-061);

Constaterende dat:

  • in dit raadsvoorstel wordt voorgesteld om toestemming te verlenen aan een varkenshouder om zijn bedrijf te vergroten;
  • dit betekent dat zijn veestapel groeit van 240 koeien naar 396 melkkoeien en 55 jongvee en van ongeveer 3000 vleesvarkens, zeugen en gespeende biggen naar ongeveer 6000 biggen en vleesvarkens
  • de veehouder de uitbreiding wil realiseren op een bestaande intensieve veehouderij op minder dan 200 meter van een woonwijk;
  • mede ook volgens het college intensieve veehouderijen thuishoren in landbouwontwikkelingsgebieden;
  • er naast de veehouder op een afstand van minder dan 200 meter ook aan de Nieuwe Steeg reeds een varkenshouderij is gevestigd met ongeveer 4000 varkens;
  • deze twee bedrijven reeds geur- en geluidsoverlast produceren;
  • de uitstoot van fijnstof, ammoniak en geur toeneemt zoals o.a. blijkt uit de schriftelijke beantwoording van het college op pagina 40 (vraag van de CU) van bijlage bij de memo die 15 november 2018 aan de raad is gestuurd en de mondelinge beantwoording tijdens de beeldvorming op de vraag van de VVD;
  • veel inwoners uit de directe omgeving zich grote zorgen maken over de gezondheidsrisico’s;
  • de te gebruiken combiluchtwassers uit een rapport Evaluatie geurverwijdering door luchtwassystemen bij stallen (maart 2018) veel minder efficiënt blijken te zijn dan waarmee bij de geurberekeningen rekening is gehouden waardoor de geurbelasting veel hoger uitpakt;
  • er veel zienswijzen zijn ingediend waarin men zich uitspreekt tegen de voorgenomen planontwikkeling
  • er geen MER is gemaakt;

Overwegende dat:

  • de raad beleidsvrijheid heeft bij zijn besluitvorming over de vaststelling van bestemmingsplannen;
  • er in maart 2015 een anterieure overeenkomst is gesloten tussen de initiatiefnemer en de gemeente met een aanvulling hierop in december 2016 over de voorliggende planontwikkeling. Het college van B&W heeft hierin een inspanningsverplichting op zich genomen om de planontwikkeling planologisch-juridisch mogelijk te maken. Dit houdt onder andere in dat de gemeenteraad volledig haar publiekrechtelijke verantwoordelijkheid behoudt ten aanzien van het publiekrechtelijke besluitvormingsproces. Hiermee rekening houdend kan de raad een andere afweging maken dan die destijds bij het sluiten van de anterieure overeenkomst is voorzien;
  • voor een dergelijke uitbreiding van een intensievere veehouderij alleen maar plaats is in een landbouwontwikkelingsgebied;
  • dit plan in strijd is met artikel 2.1, lid 4 van de Provinciale Ruimtelijke Verordening (PRV herijking 2016), omdat het plan voorziet in een bouwperceel dat groter is dan 1,5 ha en de PRV herijking 2016 niet voorziet in een overgangsrecht. Aangezien het gaat om een intensieve (niet-grondgebonden) veehouderij kan een uitbreiding van het bouwperceel tot maximaal 2,5 ha alleen plaatsvinden in een landbouwontwikkelingsgebied. Het plangebied ligt niet in een landbouwontwikkelingsgebied. Daardoor voldoet het plan ook niet aan artikel 2.1, lid 6 van de PRV herijking 2016. De raad moet de PRV herijking 2016 bij zijn besluitvorming in acht nemen, waardoor de PRV herijking 2016 aan vaststelling van dit bestemmingsplan in de weg staat;
  • door het toestaan van deze uitbreiding van de intensieve veehouderij op deze locatie de uitstoot van fijnstof, geur en ammoniak hoger worden;
  • de geurbelasting in het plan volgens de aanmeldnotitie MER beoordeling weliswaar daalt voor de omwonenden, maar boven de wettelijke norm van 3 ouE blijft;
  • er een uitstoot op veertien meter hoogte via afvoerpijpen nodig is om de geurbelasting in de directe omgeving te verlagen, welke hoogte niet is toegestaan in het huidige bestemmingsplan. Bijkomend punt is dat de afvoerpijpen flink zullen uitsteken boven de stallen;

BESLUIT

Het voorgestelde besluit te vervangen door de volgende tekst:
het bestemmingsplan “Nieuwe Steeg 4 – 8a, Leersum” niet vast te stellen.

VVD – Ron van der Laan
BVH – Francine van der Velde
CDA – Werner van Katwijk
CU – Dick Karssen
OPEN – Joost Scheltinga
D66 – Hugo Prakke

 

VVD stemt tegen uitbreiding van Varkensstal Nieuwe Steeg

VVD stemt tegen uitbreiding varkensstal Nieuwe steeg

Door Ron van der Laan op 12 December 2018

Aan de rand van Leersum wil de eigenaar van een intensieve veehouderij zijn bedrijf grofweg verdubbelen en daarvoor een nieuwe varkensstal bouwen. Indien het plan zou worden goedgekeurd ontstaat er één van de grootste veehouderijen van de provincie Utrecht met 450 melkkoeien en 6000 varkens. Omdat het huidige bestemmingsplan deze ontwikkeling niet toestaat, heeft het vorig college besloten medewerking te verlenen aan het wijzigen van het bestemmingsplan en als zodanig te willen toestaan dat intensieve veeteelt zo dicht tegen de rand van Leersum wordt gerealiseerd. De omwonenden van deze varkenshouderij maken zich grote zorgen over hun gezondheid en zijn daarom ook fel tegen deze ontwikkeling.

De VVD fractie is tegen het plan om deze bestaande varkens- en melkveehouderij zijn veestapel grofweg te laten verdubbelen omdat die pal aan een woonwijk grenst. Tevens bevindt zich op 100 meter afstand ook al grote varkenshouderij met 4000 varkens. Een groot deel van de wijk ondervindt nu al overlast in de vorm van geur en fijnstof. Meer overlast willen zij en de VVD niet.
De beoogde bouw van een grote stal met daarop metershoge schoorstenen, deze zijn nodig om de hogere uitstoot van ammoniak, geur en fijnstof over een groter gebied te verspreiden, tasten het mooie landschap aan. Daarnaast vindt de VVD dat intensieve veehouderij niet thuis hoort zo dicht tegen een kern maar binnen een LOG (landbouwontwikkelingsgebied). Dat is de locatie aan de nieuwe steeg duidelijk niet.

Ten slotte voldoet het plan niet aan de PRV herijking 2016. De Provinciale Ruimtelijke Verordening staat een dergelijke uitbreiding van het bedrijf eenvoudigweg niet toe. Dit is ook als zodanig door het college in het raadsvoorstel benoemd.

De VVD fractie heeft zich de afgelopen twee jaar, maar vooral in 2018, uitvoerig in deze kwestie verdiept door onder andere verschillende keren met zowel de initiatiefnemer en de omwonenden in gesprek te gaan. Naast deze gesprekken hebben wij ook een goed beeld kunnen vormen van de beeldvormende bijeenkomsten in de Binder en in het Cultuurhuis in Doorn. Wij zijn dan ook van mening dat deze ontwikkeling aan de Nieuwe Steeg in Leersum ongewenst is en zullen dan ook het raadsvoorstel niet steunen.

Namaak luchtwassers zorgen juist voor overlast 9-11-2018

https://nos.nl/nieuwsuur/artikel/2241505-namaak-luchtwassers-bij-varkensboeren-zorgen-juist-voor-meer-stankoverlast.html

Veel apparaten die de overlast van varkensstallen moeten beperken, zijn nagemaakt. Dat zeggen verschillende (oud-)fabrikanten van zogeheten luchtwassers. Dat zou één van de verklaringen zijn voor het slecht functioneren van de luchtwassers, zoals onlangs werd vastgesteld in een onderzoek van de Universiteit Wageningen.

Wat is er aan de hand? Varkensboeren zijn verplicht om zoveel mogelijk te doen om de stankoverlast voor hun omgeving te beperken. Met een luchtwasser kan letterlijk de geur uit de lucht worden gewassen. Lucht die de varkensstal verlaat, gaat eerst door een wasser en dan naar buiten.

Als een varkensboer aantoont dat hij een luchtwasser gebruikt, kan hij een vergunning krijgen voor het houden van een bepaald aantal varkens. Inmiddels staan er zo’n 2500 luchtwassers bij varkensstallen in Limburg, Gelderland en Brabant.

Video afspelen

11:35

‘Namaak luchtwassers bij varkensboeren zorgen juist voor meer stankoverlast’

Luchtwassers zijn een soort wasstraten voor lucht. Globaal gezien zijn er drie types: chemische, biologische en gecombineerde luchtwassers. Die laatste zou het beste van beide werelden moeten hebben. In de gecombineerde luchtwasser wordt lucht van de varkensstal naar buiten geventileerd. De lucht gaat in eerste instantie door een watergordijn heen, dan wordt het stof uit de lucht gefilterd en vervolgens gaat de lucht door een filterpakket, dat continu wordt bevochtigd met waswater. Daarin zitten ook bacteriën, en die breken ammoniak en geurdeeltjes af. En vervolgens gaat de ‘gewassen’ lucht naar buiten toe.
Begin april verscheen een rapport van de Wageningen Universiteit. Uit een steekproef onder 29 combi-luchtwassers bleek dat de wassers niet doen wat er wordt beloofd. De luchtwassers reduceren gemiddeld slechts 40 procent in plaats van de beloofde 85 procent van de stank.

Staatssecretaris Stientje van Veldhoven van Infrastructuur en Waterstaat kondigde daarom direct nieuwe milieuregels voor varkenshouders aan. Die strikte milieugrenzen maken uitbreiding of nieuwbouw voor varkensboeren nu bijna onmogelijk en dat leidt tot onrust.

‘Er zijn cowboys op de markt’

Het rapport van de Wageningen Universiteit geeft geen antwoord op de vraag waarom de luchtwassers niet goed werken. Eén van de suggesties is dat het te maken heeft met het onderhoud van de apparaten. Maar een rondgang langs leveranciers en (oud)fabrikanten levert nog een inzicht op: veel luchtwassers zijn in slechtere versies nagemaakt.

Er bestaat geen certificering voor de markt van luchtwassers. De overheid heeft de regels voor bewust niet opgesteld om concurrentie een kans te geven. Fabrikanten kunnen elkaars luchtwasser namaken aan de hand van de openbare systeembeschrijving. Maar dat wil niet zeggen dat het namaken ook goed gebeurt.

Nederland telt ruim twaalf miljoen varkens, dat aantal is al jaren stabiel. Het aantal varkensboeren is sinds 2000 afgenomen van bijna 15.000 naar ruim 4000. Het aantal varkens per boer is dus fors toegenomen. De stankoverlast zorgt voor gezondheidsproblemen, zoals luchtwegenklachten. Vooral in Noord-Limburg en Oost-Brabant, waar de concentratie van varkens het hoogst is.

“Bij de boeren is de luchtwasser feitelijk een ongewenst product, het kost ze geld, maar ze moeten het van de overheid aanschaffen. Er zijn een paar betrouwbare partijen in de markt, maar er zijn ook cowboys. Die dus misbruik maken van het feit dat het een ‘opgedrongen’ product is en snel geld willen verdienen,” vertelt Bram Claassen. Samen met zijn broer levert hij luchtwassers, maar doet ook het onderhoud van luchtwassers van andere leveranciers.

Hij ziet regelmatig zaken die niet kloppen. “Bijvoorbeeld dat er maar een filterpakket van 60 cm inzit, terwijl dat eigenlijk anderhalve meter moet zijn. Dat is nog minder dan de helft. Dan is het logisch dat de reducties van 85 procent bij lange na niet worden gehaald.”

Patrick Sanders, oud-directeur van producent Uniqfill, ontwikkelde in 2009 de combi-geurwasser met de grootste prestatie: 85 procent geur- en ammoniak-reductie. Het apparaat kreeg goedkeuring van de overheid, een zogenoemd BWL-nummer. Boeren die het apparaat kochten, kregen op basis van het BWL-nummer een vergunning.

Hoe zit het met de certificering?

Als een fabrikant een goed werkend systeem op de markt brengt, heeft dat veel tijd en geld gekost. Maar vervolgens wordt de systeembeschrijving (een zogenaamd ‘leaflet’) van het product gedeeld en kan iedereen de wasser namaken. De vraag is dan ook: waarom is er geen goed certificeringssysteem voor deze producten? En waarom kan iedereen de systeemnummers voor de producten – een zogenaamd BWL-nummer – vrijuit gebruiken? Op die vragen geeft het ministerie van Landbouw Nieuwsuur geen antwoord.

“Waar wij destijds absoluut niet blij mee waren, was dat die certificering door de overheid werd vrijgegeven voor het product dat wij hadden ontwikkeld. Omdat ze meer concurrentie onder de fabrikanten wilden, om die dingen goedkoper te maken. We hadden een hoop geld geïnvesteerd maar iedereen kon het namaken en met ons BWL nummer aan de haal gaan.”

Gevolg is dat boeren met dure apparaten zitten die onvoldoende werken en er voor omwonenden meer stank is dan er op papier getolereerd wordt. Bovendien zijn er vergunningen verleend op basis van verkeerde aannames.

“We wisten dat dit ging gebeuren,” zegt Klaas Wubs, oud-producent van luchtwassers. Volgens hem heeft de overheid de problemen zelf in de hand gewerkt. “Ik heb hier met een collega-fabrikant tegen geageerd bij de overheid. We zeiden: dit leidt tot namaak, tot niet goedwerkende luchtwassers. Maar daar wilde men niks van weten.”

 

 

Geurreductienorm zet ruim honderd aanvragen klem 9-11-2018

Geurreductienorm zet ruim honderd aanvragen klem

VARKENS  ILONA LESSCHER  08 NOV 2018 OM 07:35UUR

Van de globaal tweehonderd lopende aanvragen van veehouderijbedrijven kan ongeveer de helft wel worden vergund al zijn de geurreductiepercentages van combiluchtwassers aangepast. Dat blijkt uit een inventarisatie van het Interprovinciaal Overleg en de Vereniging Nederlandse Gemeenten.

Eind juli paste staatssecretaris Van Veldhoven van Infrastructuur en Waterstaat de geurreductiepercentages van combiluchtwassers in de Regeling geurhinder en veehouderij aan. In situaties waar de nieuwe norm wel een probleem oplevert zijn gemeenten of provincies met veehouders in gesprek om te zien of een aangepaste aanvraag mogelijk is zodat een vergunning toch mogelijk wordt.

Van Veldhoven verwacht hier in de komende maanden meer duidelijkheid over en komt daar dan bij de Tweede Kamer op terug. De staatssecretaris heeft aan Wageningen University & Research opdracht gegeven nader onderzoek te doen om te achterhalen hoe het ammoniak- en geurrendement van combiluchtwassers te verbeteren is. Het onderzoek zal eind 2019 worden afgerond.

Oplossing

De eerste deelresultaten worden naar verwachting begin 2019 bekend. De staatssecretaris kijkt ook naar mogelijkheden voor een proefstalregeling geur. Wellicht biedt dit een oplossing voor een deel van die gevallen die nu niet in aanmerking komen voor een vergunning terwijl dat op basis van de oude emissiefactoren wel het geval zou zijn, stelt de staatssecretaris.

De POV en LTO Nederland hebben via een gezamenlijke reactie aangegeven dat gecombineerde luchtwassers, mits goed uitgevoerd en onderhouden, hogere reducties kunnen halen dan waarmee nu in de Regeling geurhinder en veehouderij rekening is gehouden. De POV wil met een plan van aanpak komen waarmee dit voor deze luchtwassystemen gewaarborgd kan worden aangetoond.

Kwaliteitsborgen

Van Veldhoven zegt hier met belangstelling naar uit te zien. Wanneer ze het plan op tijd ontvangt en dit ook van kwaliteitsborgen is voorzien, zal zij de commissie Biesheuvel vragen dit mee te nemen in het onderzoek dat momenteel loopt.
De commissie Biesheuvel inventariseert in opdracht van de staatssecretaris maatregelen die geurhinder op korte termijn kunnen verminderen en maatregelen die een bijdrage kunnen leveren aan een robuust geurbeleid voor de langere termijn.

Minimumeisen voor luchtkwaliteit

Van Veldhoven is met minister Schouten van Landbouw in overleg om goede luchtkwaliteit ook mee te nemen bij de stalbeoordeling ammoniakemissie. Bij de beoordeling van een stal voor de wettelijke erkenning voor de Regeling ammoniak en veehouderij wordt ook getoetst of het systeem voldoet aan de welzijnsnormen uit het Besluit houders van dieren op basis van de Wet dieren.

In het besluit zijn voor varkens geen grenswaarden opgenomen voor de concentratie van ammoniak in de stallucht. De NVWA is begin dit jaar met inspecties gestart waarin aan de hand van signaalindicatoren zoals de concentraties CO2 en ammoniak wordt gecontroleerd of de luchtkwaliteit en het klimaat in stallen niet schadelijk is voor het welzijn van varkens. Deze werkwijze is opgenomen in de reguliere handhaving van de welzijnsregelgeving voor de varkenshouderij

Vergunning voor uitbreiding boerenbedrijven op losse schroeven 9-11-2018

Het Nederlandse programma om stikstof terug te dringen in kwetsbare natuurgebieden voldoet niet. Volgens het Europees Hof van Justitie mogen vergunningen alleen maar afgegeven worden als wetenschappelijk vaststaat dat het geen grotere milieuschade oplevert. Door dit arrest staan meer dan 200 nieuw te verlenen vergunningen voor intensieve veehouders, transportbedrijven, wegenaanleg, biomassa- en vergistingscentrales op losse schroeven.

Milieu- en natuurorganisaties en de provincies Gelderland, Limburg en Noord-Brabant procedeerden tot aan de Raad van State tegen uitbreiding van veestapels. De hoogste bestuursrechter legde de vragen voor aan het Europees Hof en is nu weer aan zet om te oordelen of het Nederlandse Programma Aanpak Stikstof (PAS) hard genoeg is of niet.

Feitelijk moet vastgesteld worden of het PAS voldoet, onder meer aan de eisen van wetenschappelijke onderbouwing. Volgens natuurbeschermingsrechtdeskundige Marieke Kaajan kan een uitspraak over de vergunningen wel 6 tot 9 maanden duren. Tot die tijd zitten boeren en bedrijven in onzekerheid.

“Het Hof legt de lat heel hoog voor het PAS en ik denk dat we dat niet redden qua herstel”, zegt Kaajan. “De minister zal er een zware dobber aan hebben om een aangepast programma op te stellen. Voorlopig zullen er dan ook geen vergunningen worden verleend.”

 

Kaalslag bij Varkensboeren 25-10-18

Verscherpte wet- en regelgeving leidt tot forse krimp veestapel

Door GERT VAN HARSKAMP

Updated 13 okt. 2018

12 okt. 2018 in FINANCIEEL

AMSTERDAM – De varkenssector wacht de komende jaren een enorme kaalslag. Van de 3500 varkensboeren zijn er in 2030 nog maar duizend over. De grootste klap valt in de periode tot 2023.

Dat voorspelt de Rabobank in een economisch sectorrapport. Vanwege de verscherpte wet- en regelgeving in Brabant, de varkensprovincie van Nederland, en de zogeheten stoppersregeling die in 2020 in werking treedt, zullen veel varkenshouders er het bijltje bij neergooien.

Dat voorspelt de Rabobank in een economisch sectorrapport. Vanwege de verscherpte wet- en regelgeving in Brabant, de varkensprovincie van Nederland, en de zogeheten stoppersregeling die in 2020 in werking treedt, zullen veel varkenshouders er het bijltje bij neergooien.

Het kabinet stelt 200 miljoen euro beschikbaar voor de sanering van de varkenssector, waarvan 120 miljoen euro bestemd is voor opkoop van varkensrechten. Door deze gesubsidieerde ’warme sanering’ van de varkenshouderij krimpt de veestapel met 5 procent, verwacht de Rabobank.

Op dit moment hebben 3500 varkenshouders gezamenlijk 4300 bedrijven, waar zij in totaal zo’n 12,4 miljoen varkens houden. Dit zijn veelal familiebedrijven. Doordat het aantal bedrijven relatief harder krimpt dan de varkensstapel, worden de overgebleven varkenshouderijen fors groter

Dierenwelzijn

Het verdwijnen van zoveel varkensboeren heeft meerdere oorzaken. Consumenten wereldwijd stellen steeds hogere eisen aan dierenwelzijn. De overheid is veel strenger bij het verstrekken van vergunningen voor uitbreiding van de stallen en het is op sommige locaties zelfs onmogelijk om uit te breiden.

Daarnaast is de varkenshouderij enorm vergrijsd. Twee derde van de varkenshouders is boven de vijftig jaar, een groot deel van hen heeft geen opvolger. Zij staan voor de keuze om fors te investeren om het bedrijf toekomstbestendig te maken, of gebruik te maken van de lucratieve stoppersregeling. Omdat de rendementen op investeringen laag zijn, zullen deze bedrijven vaak noodgedwongen stoppen.

De Nederlandse varkenshouderij is vooral afhankelijk van het buitenland. Van de Nederlandse varkensvleesproductie is de helft bestemd voor de export. Nederland is na Duitsland, Spanje en Denemarken de vierde varkensvleesexporteur van Europa. Afgelopen jaar werd 1,4 miljoen ton varkensvlees en -producten met een totale waarde van 2,7 miljard euro geëxporteerd. Daarnaast werden nog eens 10 miljoen levende dieren uitgevoerd, waarvan driekwart grenshandel is met België en Duitsland

.